Cradle to Cradle Café: C2C en Hospitality

25 juni 2019
2
May

C2C Café: ‘Hospitality’ 25 juni 2019 in Architecten Showroom Amsterdam

Cradle to Cradle en Hospitality

Het tweede Cradle to Cradle café van 2019 over hospitality was drukbezocht, ondanks -of dankzij- de zomerse temperaturen in Amsterdam. Een bewijs dat duurzaamheid ook in de business van gastvrijheid een relevant thema is.  Binnen was het koel en werden de aanwezigen getrakteerd op koud water, koffie en inspiratie.

Allereerst gaf Lieke Sauer, docent aan de Breda University of Applied Science, de aanwezigen een overzicht van onderzoek en educatie op het gebied van duurzame business modellen. Opvallend is allereerst de toenemende belangstelling voor het onderwerp duurzaamheid onder studenten hospitality. Dit uit zich o.a. in steeds meer scripties, waarbij een verschuiving te zien is van traditionele milieu-onderwerpen naar meer sociaal gerelateerde thema’s zoals de herkomst van eten en drinken, voedselverspilling en sociaal ondernemen. Ook ‘accessible tourism’, toegankelijkheid voor mensen met een beperking, wint aan belangstelling. Veelal worden duurzaamheidthema’s binnen hospitality onder de radar gehouden, terwijl er al heel wat mooie ontwikkelingen zijn. Een  ‘meaningful stay’ wordt steeds belangrijker voor gasten en steken hoteliers energie in teruggeven aan de omgeving van het hotel. Zo wordt de lokale markt in de winter in de hal van het QO hotel ondergebracht en onderneemt de RAI acties om minder verkeersoverlast te veroorzaken in de buurt. Toch loopt hospitality achter op andere branches, zoals bijvoorbeeld facility management. Gasten zijn op zoek naar een betekenisvol verblijf; communicatie voor en met hen is dan ook van cruciaal belang. Niet alleen door het management en op de website. Alleen als al het personeel, van kok tot kamermeisje, wordt meegenomen in het verhaal en ambassadeur wordt, krijgt de gast een authentieke belevenis.

En hoe die authentieke belevenis eruit ziet kwam vervolgens aan de orde. Drie architecten hielden  ieder een lezing over een door hen ontworpen hotel.

Robert Mulder was de eerste. Zijn boodschap: een geheel duurzaam hotel realiseren valt niet mee. Alleen door lastige vragen te blijven stellen kom je tot resultaat. De beste kansen liggen bij kleinere organisaties; hoe groter de hotelketen, hoe complexer het is omdat beslissingen over vele schakels lopen. In het Amstelkwartier hebben Mulderblauw architecten, Paul de Ruiter Architects en Arup samengewerkt aan het ontwerp voor het LEED gecertificeerde QO hotel met 288 kamers. Het hotel is een levend gebouw waar kringlopen (CO2, water, energie en afval) gesloten zijn. Het revolutionaire gevelontwerp, bestaande uit 1638 bewegende panelen, zorgt voor klimaatbeheersing die veel minder energie verbruikt dan een conventionele oplossing (93% besparing op koeling, 75% op verwarming). De stand van de panelen en daarmee het uiterlijk van het hotel, verandert continu onder invloed van de seizoenen, de weersomstandigheden en de wensen van de gast. Alle installaties zijn prefab, de traditionele elektricien met zijn tang is er bij de bouw niet aan te pas gekomen. Het beton is zoveel mogelijk circulair; zo is beton van het oude Shell-hoofdkantoor gebruikt. Op het dak staat een kas die in een deel van de behoefte aan groente, kruiden en vis voorziet. Kortom een actieve benadering van circulariteit, die ervoor zorgt dat het QO hotel een unieke plek is geworden waar lokaal en internationaal elkaar ontmoeten.

Van het Amstelkwartier naar het Java-eiland, waar sinds een jaar hotel Jakarta staat, ontworpen door SeARCH. Kathrin Hanf liet ons de ins en outs van dit energieneutrale gebouw met 200 kamers zien, dat inmiddels is voorzien van een BREEAM-NL Excellent certificaat. De sfeer in het hotel is geïnspireerd op de geschiedenis van de plek, die vroeger het vertrekpunt was van de schepen naar Indië. Zo is er een subtropische binnentuin in het atrium en is bamboe gebruikt voor de wandafwerking. Met een constructie van hout laat de architectuur van het pand ook zien dat hoogbouw met natuurlijke materialen goed mogelijk is. De dertig meter hoge houten draagconstructie is gemaakt van luxe houten prefab units, speciaal ontwikkeld voor dit hotel. Elke kamer is compleet aangeleverd, voorzien van massieve 140 millimeter houten wanden, een balkon en een volledige badkamer inclusief alle nodige technische installaties. Alle modules zijn in minder dan drie weken tijd geïnstalleerd en onderhoud van installaties kan van buitenaf plaatsvinden. De 350 ‘Building Integrated Photovoltaics’ (BIPV)-panelen zijn volledig geïntegreerd in het design van de loggia’s en in het glazen dak van het atrium. Veel techniek dus, maar het moest geen ‘technisch gebouw’ worden, eerder een ontmoetingsplek voor de ‘lokale bevolking’. Mede dankzij de vele ingangen van het hotel en de houding van de hotelier lukt dit boven verwachting. Zo weten scholieren de bakkerij te vinden en maken buurtbewoners gebruik van de catering-service. Al met al is het een open gebouw met Aziatische sfeer geworden.

De derde spreker was Wouter Zaaijer, partner van OZ en ontwerper van een gloednieuw hotel op IJburg, dat bezig is met een ‘soft opening’. Hotel Breeze is ontworpen als een uniek innovatief concept; het eerste wereldwijde ‘Zero Energy Hotel’ met een BREEAM Excellent ambitie. De gevels en het dak zijn geheel bekleed met ‘zacht’ ogende, glazen fotovoltaïsche cellen. Hotel Breeze is zo ontworpen dat het slim gebruik maakt van natuurlijke elementen om ruimtes te verwarmen en koelen. De installaties zijn uitgewerkt volgens het Earth, Wind & Fire concept van Ben Bronzema. Zon, wind en vallend water worden gebruikt om de kamers van het elf verdiepingen tellend pand te koelen, ventileren en van warm water te voorzien. De ‘zonneschoorsteen’ op het zuiden biedt onder andere zon gedreven ventilatie en verwarming die een temperatuur van zestig graden Celsius kan bereiken. De klimaatcascade zorgt voor de koeling en reiniging van de lucht. De hoofdelementen van het 36 meter hoge gebouw bestaan daarmee uit de zonneschoorsteen, een klimaatcascade en zogeheten powerfaçade, de zongevel. Dit kan alleen worden gerealiseerd met integrale ontwerpprocessen. Ontwerpbureau DOOS uit Zweden was verantwoordelijk voor het interieur. De toegepaste materialen zijn allen geselecteerd op basis van duurzaamheid en circulariteit, evenals het food & beverage concept. Er wordt uitsluitend gebruik gemaakt van lokaal beschikbare ingredienten en zoveel mogelijk gerechten worden ter plaatse zelf gemaakt. 

De aanwezige gasten waren een van de eersten om het eten in Hotel Breeze te proeven, want na de presentaties begaven de aanwezigen zich naar het hotel. Hier werden de groepen rondgeleid door het gloednieuwe hotel en werd van een heerlijke lunch genoten.

Lieke Sauer Breda University of Applied Sciences

Robert Mulder Mulderblauw

Wouter Zaaijer OZ

 

Leave a Reply