Cradle to Cradle anno 2015

5 maart 2015
3
mrt

Cradle to Cradle anno 2015 5 maart 2015

De bundeling van kennis en het stimuleren van innovatieve bedrijfsinitiatieven stimuleren de ontwikkeling, toepassing en export van innovatieve technologieën die een bijdrage leveren aan een duurzamer klimaat.. Dat is de taak van het Innovation Centre in Rotterdam, de plek waar het eerste Cradle to Cradle café van 2015 plaatsvindt. In het Innovation Centre staat ook een Cradle to Cradle opstelling, een praktische invulling van de theorie. Een inspirerende omgeving dus voor twee boeiende toespraken met als onderwerp de huidige stand van zaken en de jeugd. Want hoe wordt het Cradle to Cradle gedachtengoed opgepakt door onze (nieuwe) generatie?

Being good is good for business

In de toekomstige omgeving gaat het niet alleen meer om de producten, maar om delen, hergebruiken en waarde toevoegen. Vertaald naar het heden zien we dat we hier steeds meer rekening mee gaan houden. Wat vroeger de stempel afval kreeg, wordt meer en meer gezien als kapitaal voor de toekomst. Onder andere onze gebouwen die worden gezien als grondstofbanken waar we grondstoffen tijdelijk kunnen opslaan. Want we kunnen tegenwoordig sommige bouwmaterialen demonteren voor hergebruik en er bij de opbouw voor zorgen dat nieuwe toepassingen ontworpen worden met het oog op een oneindig leven van de grondstof. Dit zijn de nieuwe verdienmodellen en nieuwe gouden kansen,de Cradle to Cradle platinum kansen. De hoogste certificering haalbaar, vertelt Mariska van Dalen. Mariska is de eerste spreekster van vandaag. Van Dalen werkt sinds 2000 als duurzaamheidsexpert bij Tebodin. Een advies- en ingenieursbureau, ooit gestart als steun voor de Nederlandse industrie bij de wederopbouw in 1945, en nu uitgegroeid tot een internationaal toonaangevend bureau. Zij is positief gestemd en erg tevreden over Cradle to Cradle en dat wat er tot nu toe is bereikt. Er begint groei te komen in het aantal Cradle to Cradle gecertificeerde producten, de teller staat nu op 2500, , en dat is goed. Mariska legt uit hoe de vier levels, van basic tot aan platinum, van het Cradle to Cradle keurmerk tot stand zijn gekomen. Ook geeft zij aan aan welke categorieën en criteria bedrijven moeten voldoen om een Cradle to Cradle certificaat te ontvangen. Daarbij noemt zij de mogelijkheid tot een koppeling met andere milieukwalificaties zoals ISO, LEED en BREEAM.

Om een product Cradle to Cradle te noemen wordt er niet alleen naar het product gekeken, maar naar het hele kringlooptraject. Bedrijven worden hierdoor genoodzaakt verder te kijken. Welke grondstoffen gebruik je nu echt voor de productie? Met welke leveranciers werk je en gebruiken deze ook geschikte en goedgekeurde materialen? Het einddoel is duidelijk, het wordt tijd om te beginnen met inventariseren. Want Cradle to Cradle is voor bedrijven een positieve beslissing, en een kans in de huidige maatschappij. Uit onderzoek is gebleken dat good design leidt tot good business en dat dit tot hogere verkoopcijfers en kostenbesparing leidt. Het onderzoek naar het effect van Cradle to Cradle kun je hier nalezen: C2C Certified Study
Mariska roept iedereen op om te beginnen. Start met de ontwikkelde quickstart (www.tebodin.nl) en betrek leveranciers in dit bijzondere traject.

Wat doet u voor mijn toekomst?

De tweede spreekster van vandaag is Marion van der Kleij, van de Stichting Duurzaam Geleerd. Ze begint haar betoog met haar eigen motivatie. Haar gedrevenheid om zich in te zetten voor een duurzaam ingerichte wereld. Waarbij het Cradle to Cradle gedachtengoed van Michael Braungart en William Mc Donough, de grondleggers van Cradle to Cradle haar erg aanspreken. Marion vertelt dat zij jarenlang als lerares Engels werkzaam was op het voortgezet onderwijs. Toen zij besloot om zich in te zetten voor duurzaamheid was dit dan ook vanzelfsprekend de doelgroep waarop zij zich wilde richtten. Want de prangende vraag aan organisaties waar zij haar leerlingen op wilde attenderen was: wat doet u nu voor mijn toekomst? Een confronterende vraag, waar zeker enkele jaren geleden maar weinig mensen over nagedacht hadden. Met deze vraag in het achterhoofd, worden jongeren door haar uitgenodigd om na te denken, mee te werken en zich te realiseren dat het vraagstuk van een gezonde planeet meer dan belangrijk is.

Het streven is een circulaire economie. Wat houdt dit in? Marion vindt het noodzakelijk dat je ook op school leert hoe dat zit. Daarom heeft zij een eigen lesprogramma ontwikkeld, My Circular Future. Haar lesmodules, docententrainingen, en masterclasses worden aangeboden in samenwerking met innovatieve bedrijven. Gericht op jongeren vanaf 12 jaar. Zij zouden bewust moeten zijn en worden van de klimaatproblematiek, social fairness en vervuiling. Belangrijke onderwerpen waar juist op scholen aandacht voor moet komen. Marion vervolgt haar verhaal met een voorbeeld van een eerste les, waarbij zij vaak meteen de aandacht van haar leerlingen trekt. In deze les neemt Marion een badeend mee. Vreemd? Nee, niet als je de uitleg er bij krijgt. Want een badeend is een product dat heel populair is bij peuters, pubers en volwassenen. Ze kosten bijna niets en er worden leuke dingen meer gedaan, zoals bijvoorbeeld badeendjesraces voor een goed doel. Maar als je onderzoekt hoe en waar het eendje is geproduceerd, hoe het hier is gekomen en welke grondstoffen zijn gebruikt, realiseer je je dat het eendje eigenlijk een monster is. Toch willen we geen afscheid nemen van het badeendje, dat zou ook jammer zijn. De leerling wordt daarom uitgedaagd om mee te denken over de productie van een ‘gezonde’ badeend, waar we allemaal plezier aan beleven zonder nadelige effecten voor de mens en de natuur. Een eye-opener die voor vele zinvolle discussies heeft geleid. Haar eerste lesboek heet daarom niet voor niets Rubber Duckie. Een lesmodule die de basis legt voor het transitiedenken van lineair naar circulair.
Kortom onze circulaire toekomst!

Presentaties

DOWNLOAD: Marion van der Kleij

DOWNLOAD: Mariska van Dalen

 

Leave a Reply